

Artwork details
- Date:
- 1628 - 1667
- Medium:
- paper, houtsnede
- Dimensions:
- 843 × 639 px
- Museum record:
- View original



Wonderlyke en zeldzame historie van Thyl Ulenspiegel

Twaalf huwelijksaanzoeken

De slagttyd word hier afgebeeld, / Den os en 't varken word gekeeld, / Daarna gevild, geschrabt gehakt, / En in de pekelkuip gepakt

Twaalf personificaties van goede menselijke eigenschappen

Zie, jeugd! hoe sterk de mode, om 't zeerst, / In allen stand van menschen heerscht. / Belach ze, zonder te vergrooten, / De zotheid onzer landgenooten

Twaalf voorstellingen uit de geschiedenis van de middeleeuwen

Een dag in het leven van een familie

Kinder-deugden en gebreken

De afbeeldsels, hier in prent vertoond, / Doen zien dat mode in alles woont. / Gy kunt met deeze snaakeryen, / ô jeugd! uw oog en geest verblyen

Volg zedekunde, en haare lessen. / Maar schiet in wulpsche harten bressen. / De mode strookt niet met haar wet; / ô jeugd! op 't onderscheid doch let

Leven van Jan de Wasser en Griet
![[Tiel uilenspiegel, in zyn leven,] / Heeft zeer veel snaakery bedreeven, / [Die dikwijls iemand lagchen doet;]/ Maar welke men nooit [volgen moet]](/api/image?url=https%3A%2F%2Fiiif.micr.io%2FMKJvd%2Ffull%2F843%2C%2F0%2Fdefault.jpg&w=1536&q=75)
[Tiel uilenspiegel, in zyn leven,] / Heeft zeer veel snaakery bedreeven, / [Die dikwijls iemand lagchen doet;]/ Maar welke men nooit [volgen moet]

Wonderlyke en zeldzaame historie van Thyl Ulenspiegel

Urbaan en Isabel, verbonden aan den ander, / Zyn eerst gescheiden, toen veréénigd met elkander

Bijbelsche figuren uyt het Nieuwe Testament

Zie, jeugd! hoe deeze prent u biedt / Wat u, van jongs af aan geschiedt; En welk een zorg voor nutte zaaken / Vereischt wordt, om 't kind groot te maaken

De vermakelijkeyt van de jonge jeugd

De geboorte van den zaligmaaker Jesus Christus, uit de maaget Maria

Kindren wilt g'uw vreugd vermeeren, / Dan moet gy deez' versjes leeren, / Want het is van Tetjeroen, / Die zeer veel menschen kon voldoen

Niets moet de oplettenheid vermindren, Als ge aan het prentbeschouwen zyt. / Gy leert 'er door, leergraage kindren, Hoe men zyn nut vereent met vlyt

Ziet hier dees kinders aan, en denkt hoe 's waerelds dingen / Al trapsgewys voortgaan, met veel veranderingen

Ziet hier, ô jonge jeugd! en merkt met behagen, / Hoe Westfaalsche Geesje in Amsterdam zich heeft gedragen

Hier wordt de klederpracht bespot, / Den zot behandlen wy als zot. / Doch in haar buitenspoorigheden: / hy is niet vatbaar voor de reden

Voorziet u deezen tyd, op dat de winterdagen, / Uw by een warme haard, niet al te veel doen klagen, / Maar 't is de groote vraag: schoon dat men slagtmaand teld, / Hebt gy voor vleesch en spek een goede beurs met geld?