Artwork preview

Deez' prent toont u 't begin van 's Menschen stand op aard, / Wanneer de kindsheid reeds, al duizend' jamm'ren baart. / En de ouderlyke zorg, haar teedere kracht moet hoeden, / Wil door gehoorzaamheid, ô jeugd! die zorg vergoeden

weduwe C. Kok geboren Van Kolm

Rijksmuseum

Artwork details

Date:
1842 - 1866
Medium:
paper, letterpress printing, houtsnede
Dimensions:
843 × 1034 px
Museum record:
View original
Palette

You May Also Like

Deez' Prent toont u 't begin van 's Menschen stand op aard, / Wanneer de Kindsheid reeds, al duizend' jamm'ren baart (...)
Zie hier dees kinders aan, en denkt hoe 's Waerelds dingen, Al trapsgewys voortgaan, met veel veranderingen
Kinderen! leert in 't vroeg begin, leert by poppengoed, / Wat u in een beter stand, nuttig wezen moet, / Deugd, kunt gy uit 't kinderspel, leeren met vermaak, / Ook het allerkleinst begin, leert een vrouwen zaak
Hier kunt gij voor- en tegenspoed, / Van twee opregte, brave liên [(...)]
Hier kunt gij voor- en tegenspoed, / Van twee opregte, brave liên [(...)]
Ziet kinders! in deez' print verbeeld, / Wat rampen jeugd en losheid teelt, / En denkt toch niet, dat, bij berouw, / Elk zulk een vader vinden zou
De vertelling van Asschepoester
Kinderen volg uw ouders raad, toont gehoorzaamheid, / Vlied 't beginzel van het kwaad, leer altoos met vlyt, / Dan geeft vader u zoo graag, ook een speelens uur, / Dan valt moederlief haar zorg, in 't geheel niet zuur
Leert / kindren! door deez' prent of prijs / De leeskunst / naar der dichtren wijs'
Hier ziet men door practyk: haar keel en beursen vullen, / En andere om in luijigheid: te drinken en te smullen
's Menschen Intrede op deze Wereld
Ziet, wat de zinnen kan vermaaken, / Door allerhande fraaije zaaken, / Wel meest, die 't buitenleven geeft / Aan elk, die geld, dat 's alles, heeft
Kinder-deugden en gebreken / Ziet ge in deze printjes spreken; / Dat u alles tevens toon / Ondeugds-straf en braafheids-loon
Kinderen volg uw Ouders raad, toont gehoorzaamheid, / Vlied 't beginzel van het kwaad, leer altoos met vlyt (...)
Ziet, wat de zinnen kan vermaaken, / Door allerhande fraaije zaaken, / Wel meest, die 't buitenleven geeft / Aan elk, die geld, dat 's alles, heeft
Ziet kindren! voor uw oog vertoond, / Hoe somtijds 't medelijden woont [(...)]
's Menschen Intreede op deeze waereld. / Deeze prent leerd uw, ô jeugd! wat ge in ryper tyd, / aan uw waardig Oud'ren paar dankbaar schuldig zyt, / Want van 't eerste oogenblik tot aan 's menschen dood, / Is het geen dat hy behoefd, alle dagen groot
´T onschuldige vermaak der kindren, / Is aangenaam en kan niet hindren, / Maar 't schrikverwekkend onbescheid / Is 't dat de jeugd vermaak ontzeid
Hier kunt gij voor- en tegenspoed, / Van twee opregte, brave Liên (...)
Klein Duimpje en de Gelaarsde kat
Deez' prent toond u 't begin van 's menschen stand op aard, / Wanneer de kindsheid reeds, al duizend' jamm'ren baard. / En d'ouderlyke zorg, [(...)] kracht meer hoeden, / Wil door gehoorzaamheid, ô jeugd! die zorg vergoeden
Kinder-deugden en gebreken / Ziet ge in deze printjes spreken; / Dat u alles tevens toon / Ondeugds-straf en braafheids-loon
Wat Moeder Gans vertelt, doet u deez' plaat aanschouwen, / Hoe Asschepoetster met een' koningszoon ging trouwen; / En hoe een looze kat, door streken, fijn bedacht, / Haar armen meester heeft tot hoogen rang gebragt
De onëchte zoon, een stuk zo leerzaam als tot vreugd, / Op Amstels schouwtoneel gevoerd, tot nuttig speelen, / Ziet ge uw hier stuksgewys, eenvouwig mededeelen, / Let op dien braaven zoon, en volg zyn pad, ô jeugd!