

Let, jongens! op deez' prent, zo ze u behaagt, en ziet / Daarin, wat in den kryg te land en zee geschiedt
Artwork details
- Date:
- 1715 - 1813
- Medium:
- paper, letterpress printing, colour, houtsnede
- Dimensions:
- 843 × 1054 px
- Museum record:
- View original
You May Also Like

Ziet hier, tot uw vermaak, wat men u komt vertoonen, / In 't doolhoof te Amsterdam, en zo gy 't by wilt woonen, / ô kindren! daar gy zit te kyken met gemak, / Steek deeze prent daar toe vooräf dan in uw zak

De vermakelijkeyt van de jonge jeugd

Ziet, kinderen! 't bedryf van Steven van der Klok, / In alles wat hy doet, heeft hy het even drok. / Die Steven was een man, met wiens verscheiden zaken / Gy uwe zinnen kunt, tot tydverdryf vermaken

Ziet, kinderen! 't bedryf van Steven van der Klok, / In alles wat hy doet, heeft hy het even drok. / Die Steven was een man, met wiens verscheiden zaken / Gy uwe zinnen kunt, tot tydverdryf vermaken
![[Tiel uilenspiegel, in zyn leven,] / Heeft zeer veel snaakery bedreeven, / [Die dikwijls iemand lagchen doet;]/ Maar welke men nooit [volgen moet]](/api/image?url=https%3A%2F%2Fiiif.micr.io%2FMKJvd%2Ffull%2F843%2C%2F0%2Fdefault.jpg&w=1536&q=75)
[Tiel uilenspiegel, in zyn leven,] / Heeft zeer veel snaakery bedreeven, / [Die dikwijls iemand lagchen doet;]/ Maar welke men nooit [volgen moet]

De slagttyd word hier afgebeeld, / Den os en 't varken word gekeeld, / Daarna gevild, geschrabt gehakt, / En in de pekelkuip gepakt

Der boeren en der herdren leven, / En wat hun veld en akker geven, / 't vermaak, de winst door 't nutte vee, / Deelt u, ô jeugd! dit prentstel meê

Hier wordt de klederpracht bespot, / Den zot behandlen wy als zot. / Doch in haar buitenspoorigheden: / hy is niet vatbaar voor de reden

Kindren wilt g'uw vreugd vermeeren, / Dan moet gy deez' versjes leeren, / Want het is van Tetjeroen, / Die zeer veel menschen kon voldoen

Bybelsche historiën. IV

Bybelsche historien. V

Zie, jeugd! hoe sterk de mode, om 't zeerst, / In allen stand van menschen heerscht. / Belach ze, zonder te vergrooten, / De zotheid onzer landgenooten

Wie wil kermis met mij houden, / 't vrolijk wezen staat thans vrij: / Mits men, wegens pligtbetrachting, / Zulks volkomen noodig zij

Het leven van Jan van Spanje, en Tryn Salie

Dit is het trouw-geval / en wonderlijk schouw-spel / Dat hier is af-gebeeld van Urbanus en Isabel

Der boeren en der herdren leven, / En wat hun veld en akker geven, / 't vermaak, de winst door 't nutte vee, / Deelt u, ô jeugd! dit prentstel meê

Hier siet gy jonge jeugt / dees' vasten-avont / Paasch / kermis en boerenvreugt

Ziet Steven van der Klok / met zijne grote daden / Waar mee hy was verzien / en vol mee was beladen

Kinders wilt gy vrolyk wezen, / Wilt dees prent met aandagt lezen, / Alle deze bezigheden, / Wilt u tyd daarin besteden

Zie, Jeugd! hoe zich Urbaan gedraagt / En Izabel haar Lot beklaagt / Maar zie ook hem, die trouw dorst breeken, / Weêr aangenomen op zyn smeeken

Gy kinderen die dit werk beziet, Gedenkt dat God dit al gebied

Het Nieuw Vermakelyk Lui-Lekker-land

Bybelsche historien. III

De jeugd werd hier gestigt / door 't werk in tugt gehouden / Gelijk men dagelijks ziet / van 't doopen af tot 't trouwen.