Artwork preview

De Nederlandsche Opera

anonymous

Rijksmuseum

Artwork details

Date:
1896-03-29
Medium:
paper, letterpress printing, line block
Dimensions:
843 × 1138 px
Museum record:
View original
Palette

You May Also Like

The Son and the Donkey
Faust probeert Grietje over te halen uit de kerker te vluchten
Elk handwerk geeft een spoor tot nieuwe vlijt en deugd, / Dit biedt hier 't achttal aan, ten Leerbeeld voor de jeugd
Wat Moeder Gans vertelt, doet u deez' plaat aanschouwen, / Hoe Asschepoetster met een' koningszoon ging trouwen; / En hoe een looze kat, door streken, fijn bedacht, / Haar armen meester heeft tot hoogen rang gebragt
Fluitspelende herder en spinnende herderin
Naar uw oordeel moet gy denken, / Kindren! in dit prentgestel, / Op het geen gy u ziet schenken, / Maar onthoud de lessen wel
Het herbergjen
Hoefsmid en een ezel
Een koe wordt in de stal gemolken
´T onschuldige vermaak der kindren, / Is aangenaam en kan niet hindren, / Maar 't schrikverwekkend onbescheid / Is 't dat de jeugd vermaak ontzeid
Twee paarden bij een hooiruif in een stal
Spotprent op de kamerdebatten gehouden tijdes het reces, 1885
Fluitspelende herder en spinnende herderin
Zie, leezer! hier verscheidenheid / Van bouwmans nutten arrebeid, [(...)]
Hier kunt gij voor- en tegenspoed, / Van twee opregte, brave liên [(...)]
's Menschen Intreede op deeze waereld. / Deeze prent leerd uw, ô jeugd! wat ge in ryper tyd, / aan uw waardig Oud'ren paar dankbaar schuldig zyt, / Want van 't eerste oogenblik tot aan 's menschen dood, / Is het geen dat hy behoefd, alle dagen groot
Ô lieve kindren! wie gy zyt. / Besteed met nut uw dierbren tyd (...)
Spotprent
Elk handwerk geeft een spoor tot nieuwe vlijt en deugd, / Dit biedt hier 't achttal aan, ten Leerbeeld voor de jeugd
Twee pijprokende mannen
De vertelling van Asschepoester
Hier ziet men door practyk: haar keel en beursen vullen, / En andere om in luijigheid: te drinken en te smullen
Jellen stelt Mietje een schunnige vraag
´T onschuldige vermaak der kindren, / Is aangenaam en kan niet hindren, / Maar 't schrikverwekkend onbescheid / Is 't dat de jeugd vermaak ontzeid