Artwork preview

Pefroen, die bloed, doos lys gedwongen / Meer dan een onnoozelen jongen / Verbeterd eindlyk 't slechte wyf; / Door digte slagen op haar lyf

Stichter, erven weduwe Cornelis

Rijksmuseum

Artwork details

Date:
1715 - 1813
Medium:
paper, letterpress printing, houtsnede
Dimensions:
843 × 1248 px
Museum record:
View original
Palette

You May Also Like

Pefroen, die bloed, doos lys gedwongen / Meer dan een onnoozelen jongen / Verbeterd eindlyk 't slechte wyf; / Door digte slagen op haar lyf
Ziet Steven van der Klok, Met zyne groote daaden, Waar mee hy was verzien, En vol daar van belaaden
Pefroen, die bloed, doos lys gedwongen / Meer dan een onnoozelen jongen / Verbeterd eindlyk 't slechte wyf; / Door digte slagen op haar lyf
Pefroen, die bloed, doos lys gedwongen / Meer dan een onnoozelen jongen / Verbeterd eindlyk 't slechte wyf; / Door digte slagen op haar lyf
Urbanus en Isabel / Zie hier het leeven van Urbaan, / Wyst deeze prent uw duidlyk aan, / Hy toond aan Isabel berouw, / En leeven t'zaam als man en vrouw
Het zoetst uws levens in (ô jeugd beschouw 't maar wel,) / Niets dan een losse vreugd, en ydel kinderspel. / De minste zorg nochthans hecht zich aan die vermaaken; / Zoek door verstand en deugd vroegtydig grootr zaaken
Mejufvrouw Carolien, wat trotsch en spytig in haar aart, Ziet zig met schoorsteenveger Jan, op 't einde hier gepaard
Verschillende figuren
Hy za jongens komt nu hier / Het is van alderhande spel / Neem in 't speelen u pleyzier / Het geen u zal behagen wel
Vermaken en bedryven
Verschillende ambachten
Veelerhande slag van zaaken, / En een reeks van raare snaaken, / Ziet ge ô kindren! weder hier, / In deez' prenten op papier
Mejufvrouw Carolien, wat trotsch en spytig in haar aart, Ziet zig met schoorsteenveger Jan, op 't einde hier gepaard
Leven van Hans van Polen
Dit is 't gezelschap na de zwier: / Men zingt, men pronkt, men maakt groote cier
Ziet, kindren! afgebeeld een reeks van Liên, wien handel / In veelerhande slach van waaren, by hun handel [(...)]
't Is alles wat gy ziet in deeze prent, ô jeugd! / By u, die zekerlyk u zelf daarin verheugt. / Alleen om 't neuzenstel belagchelyk te maaken, / Vervrolyk dan uw geest met deeze raare snaaken
Urbanus en Isabel / Zie hier het leven van Urbaan (...)
Zie, jeugd! hoe zich Urbaan gedraagt / En Izabel haar lot beklaagt. / Maar zie ook hem, die trouw dorst breeken, / Weêr aangenomen op zyn smeeken
Zie hier uit 't nieuwe verbond, hoe Gods apostelscharen, / De leer van Jezus dood aan Jood en Griek verklaren
Spotprent op de Actiehandel, 1720
Jongens wilje vreught vermeeren, wilt in dese print stuhdeeren. Want het is Tetjeroen, die een yder kon voldoen. / Soo gy u meer wilt verblijen, maeckt hier van dan Schildrijen. Snijtseuyt dan na d' swier, en plackt se dan op root papier.
Zie, Jeugd! hoe zich Urbaan gedraagt / En Izabel haar Lot beklaagt / Maar zie ook hem, die trouw dorst breeken, / Weêr aangenomen op zyn smeeken
Mejufvrouw Carolien, wat trotsch en spytig in haar aart, Ziet zich met schoorsteenveger jan, op 't einde hier gepaard